De kredietbemiddelaar en de Centrale voor Kredieten aan Particulieren (CKP)

De kredietbemiddelaars worden niet vermeld op de lijst van derden die worden gemachtigd om toegang te hebben tot de overdraagbare gegevens. Art. VII.153 WER legt zelfs een verbod op aan de kredietbemiddelaar om de aanvrager van het krediet te gebruiken om zijn toegangsrecht tot de CKP uitte oefenen: De kredietbemiddelaar mag aan de consument of, desgevallend, aan de zekerheidssteller niet vragen om zijn toegangsrecht tot de CKP uit te oefenen met het oog op het hem overhandigen van het bekomen antwoord. 

Het is kredietbemiddelaars dus absoluut verboden om tijdens een gesprek met de consument, die laatste te vragen om via zijn eID of itsme in te loggen in de CKP, waarbij de kredietbemiddelaar – bijvoorbeeld de kredietmakelaar – de gegevens die geregistreerd zijn in de CKP kan inkijken. Het is de kredietbemiddelaars, bijvoorbeeld kredietmakelaars, verboden om de consument te vragen om hen een kopie/outprint van de CKP te overhandigen. 

Het is de kredietbemiddelaars verboden om een toegang te hebben tot de persoonlijke gegevens waarover de kredietgever beschikt. De kredietgever – die krachtens het beginsel van reciprociteit – in de driehoeksrelatie consument-kredietbemiddelaar-kredietgever als enige andere dan de consument gemachtigd is om de CKP in te kijken, kan aan de kredietbemiddelaar een geglobaliseerd antwoord verstrekken in zoverre de raadpleging heeft plaatsgevonden op basis van een concrete kredietaanvraag waarvoor deze kredietbemiddelaar daden van kredietbemiddeling stelt (VII.153, § 2 WER). De kredietgever kan aan kredietbemiddelaars dus geen simulatietool ter beschikking stellen die de kredietbemiddelaars – los van een concrete kredietaanvraag – zou toelaten om kredietsimulaties op naam van een consument te maken waarbij in de achtergrond de gegevens uit de CKP verwerkt worden in de kredietsimulatie. 

Het geglobaliseerd antwoord kan slechts betrekking hebben op het aantal kredietovereenkomsten, de som van de geregistreerde kredieten en, in geval van weigering van het krediet in toepassing van art. VII.77, § 2, alinea 2 WER, de vermelding dat de weigering zich steunt in de toepassing van voormelde bepaling.

De kredietbemiddelaars kan slechts gebruik maken van deze gegevens met het oog op de naleving van zijn verplichtingen zoals voorzien onder de artikelen VII. 69 tot VII 71, VII. 74 en VII. 75 WER. Eens het kredietdossier door de kredietgever wordt afgesloten, dient het geglobaliseerd antwoord te worden verwijderd. Die bepaling werd toegevoegd naar aanleiding van de invoering van de wettelijke bepalingen in het WER. Zij wordt uitgelegd in de voorbereidende werken. De bepaling, die in 2014 werd toegevoegd, werd gewijzigd bij de aanneming van de bepalingen inzake het hypothecair krediet van de richtlijn 2014/17. De wijziging wordt uitgelegd in de Memorie van toelichting.

Op de overhandiging van het geglobaliseerd antwoord bestaat slechts één strikte uitzondering (art. VII.153, §2/1 WER), namelijk ten gunste van verbonden agenten die tevens agent in bank-en beleggingsdiensten zijn van de kredietgever bij wie de concrete kredietaanvraag door de agent wordt ingediend. Alle voorgaande voorwaarden zijn cumulatief, met name:

  1. Het gaat enkel om verbonden agenten (kredietmakelaars bijvoorbeeld kunnen enkel een geglobaliseerd antwoord ontvangen); en
  2. Bovendien moet de betrokken verbonden agent tevens ingeschreven zijn als een agent in bank- en beleggingsdiensten zijn. Die uitzondering geldt dus zelfs niet voor alle verbonden agenten; en
  3. De betrokken verbonden agent kan de meegedeelde gegevens uit de CKP enkel bekomen wanneer hij tussenkomst bij de betrokken concrete kredietaanvraag. De uitzondering geldt dus niet op algemene wijze. Als hij niet tussenkomst als kredietbemiddelaar voor de kredietaanvraag van de consument mag hij geen gegevens uit de CKP van de kredietgever ontvangen. Ook bij loutere kredietsimulaties die losstaan van een concrete kredietaanvraag mag de verbonden agent de gegevens niet ontvangen; en
  4. Die uitzondering is louter een uitzondering op de beperking dat een kredietbemiddelaar slechts een geglobaliseerd antwoord ontvangt. De verbonden agent die in aanmerking komt, verkrijgt nog steeds geen rechtstreeks toegangsrecht tot de CKP.

Die uitzondering werd recent ingevoerd om het onderscheid in behandeling tussen de bankagent en de bediende van de bank die de kredietaanvraag zou indienen, te verkleinen (zie ook Memorie van Toelichting, Parl. St. Kamer 2022-2023, nr. 3459/001, 8-9). De uitzondering moet ook samengelezen worden met de objectieve (lees: foutloze) aansprakelijkheid van de kredietgever ten opzichte van zijn verbonden agent. Aldus zal ieder misbruik of nalatigheid in hoofde van de verbonden agent toegerekend worden aan de kredietgever-principaal, zelfs indien deze laatste geen fout (zelfs geen toezichtsfout) kan verweten worden. Na finalisatie van het kredietdossier moet de kredietgever er ook voor zorgen dat de meegedeelde gegevens uit de CKP niet langer beschikbaar zijn voor de verbonden agent. 

Wanneer een rechtspersoon zowel vergund is als kredietgever en ingeschreven is als een kredietbemiddelaar, kan deze diens recht tot toegang tot de CKP als kredietgever niet gebruiken voor diens activiteiten van kredietbemiddelaar om te kunnen beoordelen of het opportuun is een dossier in te dienen bij een (andere) kredietgever of om een voorstel tot hergroepering te doen. Wanneer deze beschikt over de dubbele hoedanigheid, dient de professioneel dus eerst te beslissen op basis van de vragenlijst of hij beslist om het krediet toe te kennen op eigen fondsen, of niet. Indien hij de kredietaanvraag op eigen fondsen wil financieren dan is de raadpleging van de CKP noodzakelijk. Indien hij, op grond van de vragenlijst, zou beslissen dat het verzoek van de consument niet binnen de eigen criteria tot toekenning van een krediet zou liggen, kan hij in geen geval de CKP raadplegen. Dan dient hij, zuiver en eenvoudig het krediet te weigeren, of het dossier als kredietbemiddelaar indienen bij een andere kredietgever met wie hij regelmatig samenwerkt. Deze laatste kredietgever zal de CKP raadplegen gezien deze hiertoe verplicht is. De administratie sanctioneert, op basis van onderzoek van de raadplegingen van de CKP, de bemiddelaars die op systematische wijze de CKP raadplegen voor alle kredietaanvragen die aan hen worden gericht(zie een PV van de administratie). De kredietgevers die deze dubbele hoedanigheid hebben moeten intern in hun bedrijfsprocessen duidelijk afgebakende processen inbouwen zodat de kredietgever-kredietbemiddelaar en/of de betrokken medewerkers van deze laatste geen toegang hebben tot de gegevens uit de CKP.

De administratie erkent dat de kredietgevers die worden gelijkgesteld aan kredietbemiddelaars (die het krediet toekennen dat zij onmiddellijk overdragen) de CKP kunnen raadplegen onder de dubbele voorwaarde dat (1) zij beschikken over een eigen fondsenportefeuille waarvoor zij werden vergund in hoedanigheid van kredietgever en (2) dat zij worden gemachtigd door de kredietgever aan wie zij hun rechten overdragen om de CKP in hun naam te raadplegen.

De persoonlijke gegevens van de mogelijke klanten van een kredietmakelaar is een bestand dat wordt onderworpen aan het algemeen kader van de GDPR en aan de bijzondere bepalingen van het WER. De overmaking van de gegevens door de kredietbemiddelaar aan de kredietgever vloeit voort uit de primaire doelstelling waarvoor de gegevens werden bekomen bij de consument. Alle nuttige inlichtingen met betrekking tot de situatie van de consument overmaken is bovendien een verplichting die rust op de kredietbemiddelaar ten aanzien van de kredietgever.

Back to top